RVS bewerken: lasersnijden, watersnijden, zagen of ponsen?
RVS bewerken: lasersnijden, watersnijden, zagen of ponsen?
Roestvast staal wordt veel gebruikt in onder andere de machinebouw, voedingsmiddelenindustrie, interieurbouw en utiliteitsbouw. Het materiaal is sterk, duurzaam en goed bestand tegen corrosie, maar vraagt wel om een geschikte bewerkingsmethode. De juiste keuze hangt onder meer af van de plaatdikte, de gewenste vorm, de benodigde nauwkeurigheid, de seriegrootte en de eisen aan de snijrand. Lasersnijden, watersnijden, zagen en ponsen hebben ieder hun eigen toepassingsgebied.
Lasersnijden: snel en nauwkeurig
Bij lasersnijden wordt een geconcentreerde laserstraal gebruikt om het materiaal plaatselijk te verhitten en door te snijden. Omdat de laser het werkstuk niet mechanisch raakt, is er geen snijgereedschap dat tijdens het proces druk op de plaat uitoefent. Moderne lasersnijmachines kunnen daardoor zeer nauwkeurige contouren, kleine uitsparingen en complexe vormen uit plaatmateriaal snijden. Vooral bij dunne en middeldikke RVS-platen is lasersnijden vaak een efficiënte keuze. De techniek is snel, goed automatiseerbaar en uitstekend reproduceerbaar. Daardoor kunnen zowel enkelstuks als grotere series met een constante maatvoering worden geproduceerd. Ook zijn er geen afzonderlijke stempels of zagen nodig voor iedere nieuwe vorm, waardoor een digitaal ontwerp relatief eenvoudig naar de machine kan worden vertaald. Bedrijven die onderdelen met nauwkeurige contouren, uitsparingen of bevestigingsgaten nodig hebben, kiezen daarom vaak voor RVS lasersnijden. De smalle snede maakt het bovendien mogelijk om onderdelen efficiënt over een plaat te verdelen. Dit beperkt materiaalverlies en kan de kostprijs per onderdeel verlagen, vooral wanneer meerdere producten slim in één plaat worden genest. Een aandachtspunt is dat lasersnijden een thermisch proces is. Langs de snijlijn ontstaat warmte-inbreng, al blijft die bij een correct ingesteld proces doorgaans beperkt. De gekozen laser, het vermogen, de snijsnelheid, het hulpgas en de plaatdikte hebben allemaal invloed op de uiteindelijke snijkwaliteit. Bij RVS wordt vaak stikstof als snijgas toegepast wanneer een oxidevrije snijrand gewenst is.
Watersnijden: zonder warmte-inbreng
Watersnijden werkt op een andere manier. Een zeer krachtige waterstraal, meestal gemengd met een abrasief materiaal, erodeert het RVS langs de geprogrammeerde snijlijn. Het grootste voordeel hiervan is dat het om een koud snijproces gaat. Er ontstaat dus geen door hitte beïnvloede zone langs de snede. Dat maakt watersnijden interessant wanneer warmte absoluut moet worden vermeden. De techniek kan ook worden gebruikt voor zeer dikke platen en voor materialen die met andere snijmethoden lastiger te verwerken zijn. Daarnaast kan een waterstraal uiteenlopende materiaalsoorten snijden, waardoor de machine breed inzetbaar is. Daar staan ook nadelen tegenover. Voor gangbaar dun en middeldik RVS-plaatwerk is watersnijden meestal minder snel dan lasersnijden. Het gebruik van water, hoge druk en abrasief materiaal heeft bovendien invloed op de proceskosten. Afhankelijk van de ingestelde snelheid en gewenste randkwaliteit kan aan de onderzijde van dikkere platen een lichte snijhoek ontstaan. Watersnijden is daardoor vooral geschikt voor dikke materialen, hittegevoelige toepassingen en projecten waarbij verschillende materiaalsoorten moeten worden verwerkt.
Zagen: praktisch voor rechte zaagsneden
Zagen is een logische keuze voor RVS buizen, kokers, stafmateriaal, profielen en blokken. Met een bandzaag of cirkelzaag kunnen rechte doorsneden en, afhankelijk van de machine, versteksneden worden gemaakt. Voor het op lengte brengen van standaardmateriaal is zagen vaak eenvoudig en kostenefficiënt. De beperking zit vooral in de vormvrijheid. Een zaag is uitstekend geschikt om een buis of profiel op lengte te maken, maar niet om binnencontouren, kleine gaten of ingewikkelde vormen uit een plaat te halen. Voor zulke onderdelen zijn meerdere aanvullende bewerkingen nodig. Bij het zagen van RVS moet bovendien worden gelet op het juiste zaagblad, een passende snijsnelheid en voldoende koeling. Een verkeerde instelling kan leiden tot extra warmteontwikkeling, snelle slijtage van het gereedschap of een minder nette zaagsnede. Voor eenvoudige lengtes en rechte delen blijft zagen echter een praktische en betrouwbare methode.
Ponsen: efficiënt bij terugkerende vormen
Bij ponsen worden een stempel en matrijs gebruikt om materiaal uit een plaat te drukken. De techniek is snel en kan bijzonder efficiënt zijn bij grotere series met veel terugkerende gaten, sleuven of eenvoudige contouren. Moderne ponsmachines kunnen naast uitsnijden ook bepaalde vervormingen, verzinkingen en andere vormbewerkingen uitvoeren. Ponsen is echter afhankelijk van beschikbare gereedschappen. Voor standaardvormen, zoals ronde of rechthoekige gaten, is dat meestal geen probleem. Bij vrije contouren of ontwerpen die regelmatig veranderen, is lasersnijden flexibeler. Daarvoor hoeft namelijk geen specifiek fysiek gereedschap te worden gemaakt of ingesteld. Bij het ponsen kunnen daarnaast braampjes of lichte vervormingen rond de snede ontstaan. Dit is onder andere afhankelijk van de materiaalsoort, plaatdikte, gereedschapsscherpte en speling tussen de stempel en matrijs. Voor seriewerk met veel identieke bewerkingen kan ponsen zeer productief zijn. Voor complexe contouren, kleine series of maatwerk met veel ontwerpvariatie biedt lasersnijden doorgaans meer vrijheid.
Welke methode past bij het onderdeel?
De beste bewerkingsmethode wordt niet alleen bepaald door de gewenste vorm. Ook toleranties, plaatdikte, aantallen, nabewerking en de uiteindelijke toepassing spelen een rol. Een gezaagd profiel kan bijvoorbeeld later nog worden gelast, terwijl een lasergesneden plaatdeel na het snijden wordt gezet of gewalst. Soms worden verschillende technieken gecombineerd om de totale productietijd te verkorten.

