Go to top

De toekomst voor zeldzame aarden

De zeldzame aardindustrie gaat een nieuw tijdperk tegemoet nu de Wereldhandelsorganisatie heeft geoordeeld dat China’s exportrestricties in strijd zijn met de regels.

Zeldzame aarden spelen een steeds grotere rol in de roesvaststaalindustrie. Legeringen met lanthaan, ytterbium en cerium worden steeds populairder en roestvaststaal en zeldzame aarden komen elkaar vaker tegen in eindproducten zoals auto’s en windturbines. Zo raken de twee industrieën langzaam maar zeker met elkaar vervlochten. Wat betekent dat grote ontwikkelingen voor de ene industrie ook een uitwerking kunnen hebben op de andere.
De uitspraak van de Wereldhandelsorganisatie over China’s zeldzame aardexport is zo’n ontwikkeling. Daarom besloot vakblad Roestvast Staal een analyse te maken van de nieuwe situatie.

Zeldzame aarden voor beginners


In totaal bestaan er zeventien zeldzame aarden die onderling verdeeld zijn in lichte en zware metalen. In afbeelding 1 staan ze netjes op een rij. De lichte metalen komen het meest voor, maar de zeldzamere zware metalen hebben de meeste toepassingen. Dit verschil tussen de zware en lichte metalen uit zich ook in de prijs. Lichte metalen kosten hooguit enkele tientallen dollars per kilo, terwijl de zware metalen honderden of duizenden dollars kosten. Verder zijn de afzettingen ongelijk verdeeld, want hoewel verschillende zeldzame aarden vaak bij elkaar in de buurt liggen zijn lang niet alle lichte afzettingen vergezeld van zware.
Het ene zeldzame aard heeft dus meer toepassingen dan het ander, maar ze zijn stuk voor stuk onmisbaar voor de moderne industrie. Onze elektronica zit er vol mee. Sommige apparaten maken gebruik van meerdere toepassingen tegelijk. Zo bevat de gemiddelde smartphone acht verschillende zeldzame aarden voor de accu, het beeldscherm, de speakers en de trilfunctie.

Naast alledaagse elektronica zijn de zeldzame aarden ook belangrijk voor groene technologie. De accu’s en motoren in hybride en elektrische auto’s gebruiken er steeds meer van om hun actieradius te vergroten. En de nieuwere generatie windmolens vertrouwt op een neodymium-ijzer-boron magneet in een roestvaststalen fitting om een hoog rendement te leveren. Op hun beurt gebruiken de luchtvaart- en raketindustrie zeldzame aarden om straalmotoren hittebestendig te maken.


Afbeelding 1, De zeventien zeldzame aarden en hun toepassingen.


Het Chinese monopolie


China produceert momenteel 85% van alle zeldzame metalen op aarde. Dat is al een stuk minder dan de 98% uit 2009, maar nog steeds goed voor een virtueel monopolie. Daar staat tegenover dat het land “slechts” 23% van de bekende afzettingen bezit.
Deze bijzondere scheefgroei ontstond in de jaren negentig. Zoals de meeste Chinese industrie profiteerde de mijnbouw van lage lonen en buitengewoon soepele milieuregels. Ondertussen scherpten andere landen zoals Amerika en Australië hun milieuregels juist aan waardoor concurrentie op het gebied van zeldzame aarden moeilijker werd. De toestroom van Chinese aarden op de wereldmarkt leidde bovendien tot een stevige prijsdaling. Tegen de tijd dat de prijzen in 2003 een dieptepunt bereikten stonden alleen de Chinese mijnen nog overeind.

China voorzag de wereld tien jaar lang van zeldzame aarden. Dat was echter niet zonder gevolgen. Het winnen van zeldzame aarden kan buitengewoon schadelijk zijn voor het milieu. De reden hiervoor is het spoelingsproces dat de zeldzame aardmetalen van hun erts scheidt. Dat gaat met behulp van geconcentreerd zwavelzuur of bijtende soda (natriumhydroxide). Het resulterende afvalwater is niet alleen zuur, maar ook radioactief. Verschillende zeldzame aarden zitten namelijk verborgen in hetzelfde erts. Eén van die metalen, thorium, is van nature radioactief. Aan de vervuiling is op zichzelf weinig te doen, maar aan de opslag van het afval des te meer. In westerse landen gelden daarom strenge milieuregels, maar China hechtte meer waarde aan lage productiekosten dan de natuur.

Veertig jaar zeldzame aardwinning heeft dan ook diepe sporen achter gelaten in Baotou in Binnen-Mongolië. Verscholen in de smog staat daar een enorm industrieel complex en even verderop ligt een gigantisch afvalmeer. Dat meer is 8 kilometer breed, 30 meter diep en het dijt almaar verder uit. Gewapende beveiligers houden pottenkijkers op afstand. De weinige reporters die er zijn geweest beschrijven een apocalyptisch landschap waar hun ogen traanden en de vervuilde lucht hun longen stak. Hoofdpijn en misselijkheid plaagden ze de rest van hun dag. Inmiddels lekt het radioactieve zuur via het grondwater in de Gele Rivier, die 155 miljoen Chinezen voorziet van drinkwater en 15 procent van China’s landbouwgrond irrigeert.
Toch is het moeilijk de geloven dat Beijing zich na al die jaren plotseling iets aantrok van het milieu. Anno 2014 staan milieu en veiligheid wel een stuk hoger op de agenda. Een aantal grote voedselveiligheidsschandalen en publieke boosheid over zware smog hebben de regering veel imagoschade opgeleverd. Milieubescherming is daar nu een speerpunt door geworden. Toen Beijing het exportquotum invoerde was de marktontwikkeling echter een veel waarschijnlijkere motivator.

In 2005 was China heer en meester van de zeldzame aardindustrie. Het leverde 98 procent van alle zeldzame aarden en de vraag begon aardig toe nemen als gevolg van de smartphone revolutie, een nieuwe generatie windmolens en hybride auto’s. Het was het perfecte moment om de monopoliepositie uit te buiten. De eerste jaren beet het quotum nog niet erg, maar vanaf 2009 voerde China het op. Dat jaar reduceerde Beijing de toegestane export van zeldzame aarden met 72 procent. In de daaropvolgende jaren verscherpte China dit quotum met nog eens 40 procent in 2011 en 27 procent in 2012. Tegelijkertijd reduceerde het ook de productie van zeldzame aarden met een serie productiequota. Drie van China’s grootste mijnen staakten het werk in september 2011. China hoopte zo meerdere vliegen in een klap te slaan. De mijnsluitingen zouden milieuvervuiling terugdringen en de uitputting van China’s natuurlijke voorraad afremmen. Verder zou de bijkomstige prijsstijging voor buitenlandse klanten het rendement op de productie verhogen. De gevolgen van China’s handelsbeleid waren verstrekkend. Aanvankelijk verliep alles volgens het geschetste scenario. De prijzen voor zeldzame aarden stegen; en hard ook. De prijs voor Lanthaanoxide buiten China steeg met een dertienvoud tussen 2008 en 2011.
Geen wonder dus dat Amerika, Europa en Japan naar de Wereldhandelsorganisatie stapten toen China in maart 2012 een nóg strenger quotum aankondigde. Hoewel China dit protest negeerde zetten de prijsstijgingen niet door. Integendeel, prijzen zakten ineen. Het exportquotum was nu zo extreem dat het buitenland in actie kwam. Mijnen die hun deuren tien jaar geleden hadden gesloten startten weer op. En auto- en elektronicafabrikanten investeerden in recyclingtechnologie.

Reacties


Inmiddels heeft de Wereldhandelsorganisatie dus besloten dat het exportquotum in strijd is met de regels. Ondanks de traagheid waarmee de Wereldhandelsorganisatie tot die conclusie kwam zijn Amerika, Japan en de Europese Unie uitermate tevreden.
Karel de Gucht, Eurocommissaris voor handel, zei dat de Wereldhandelsorganisatie heeft laten zien dat individuele landen hun grondstoffen niet van de wereldmarkt kunnen houden ten koste van hun handelspartners. De Amerikaanse afgevaardigde voor handel, Mike Froman, reageerde in dezelfde trant. Hij hoopte dat het oordeel soortgelijke overtredingen in de toekomst zou voorkomen.

Aan de andere kant was China absoluut niet te spreken. Beijing beweert nog altijd dat het exportquotum was ingesteld om het milieu te sparen. Zelfs als dat aanvankelijk niet het geval was is het dat nu wel. De overheid staat onder zware druk van de bevolking om de immense milieuproblemen aan te pakken. Er is China alles aan gelegen om de productie van zeldzame aarden te temperen. Daar mogen binnenlandse verbruikers van zeldzame aarden echter zo min mogelijk last van ondervinden. Iets wat ongetwijfeld zal gebeuren als het buitenland weer vrije toegang krijgt tot de Chinese markt.
Dit maakt het exportquotum belangrijker dan ooit. Een medewerker van het Chinese ministerie van commercie wil daarom snel in hoger beroep. Een definitieve uitspraak volgt dan in juli. De Chinese overheid gelooft nog steeds dat het quotum strookt met de richtlijnen voor duurzame ontwikkeling die de Wereldhandelsorganisatie promoot. Europa, Japan en Amerika hebben er echter vertrouwen in dat een hoger beroep weinig zal veranderen. Het Chinese beleid is namelijk geijkt op een richtlijn, terwijl de aanklagers erop wijzen dat er een wet wordt overtreden.


Afbeelding 2, Het afvalmeer bij Baotou.


Zelfs als dat aanvankelijk niet het geval was is het dat nu wel. De overheid staat onder zware druk van de bevolking om de immense milieuproblemen aan te pakken. Er is China alles aan gelegen om de productie van zeldzame aarden te temperen. Daar mogen binnenlandse verbruikers van zeldzame aarden echter zo min mogelijk last van ondervinden. Iets wat ongetwijfeld zal gebeuren als het buitenland weer vrije toegang krijgt tot de Chinese markt.
Dit maakt het exportquotum belangrijker dan ooit. Een medewerker van het Chinese ministerie van commercie wil daarom snel in hoger beroep. Een definitieve uitspraak volgt dan in juli. De Chinese overheid gelooft nog steeds dat het quotum strookt met de richtlijnen voor duurzame ontwikkeling die de Wereldhandelsorganisatie promoot. Europa, Japan en Amerika hebben er echter vertrouwen in dat een hoger beroep weinig zal veranderen. Het Chinese beleid is namelijk geijkt op een richtlijn, terwijl de aanklagers erop wijzen dat er een wet wordt overtreden.

Achter de feiten aan


Toch is er iets vreemds aan de hand. Zoals we een paar alinea’s terug al vermeldden daalden de prijzen voor zeldzame aarden ruim voordat de Wereldhandelsorganisatie ingreep. Verder wijzen China’s officiële exportcijfers uit dat het land veel minder exporteert dan is toegestaan. In 2012 exporteerde China slechts 16.000 ton, terwijl het quotum een export van 31.000 ton toestond. Daarmee is scheen het belang van het exportquotum eigenlijk al te zijn verdwenen.
In theorie zou de lagere Chinese export moeten leiden tot hogere prijzen voor zeldzame aarden. Daar is echter niets van te zien. De prijzen bereikten in de zomer van 2013 hun laagste punt in tien jaar. De reden hiervoor is smokkel en illegale mijnbouw.
Terwijl de legale productie en export van zeldzame aarden aan banden is gelegd loodsen smokkelaars enorme hoeveelheden illegaal gewonnen zeldzame aarden het land uit. Su Bo, de Chinese staatssecretaris voor industrie, schat dat smokkelaars tussen 2011 en 2013 zo’n 40.000 ton aan zeldzame aarden hebben verhandeld. En dat is veel, want de legale export ligt tussen de 16.000 en 22.000 ton per jaar.
Afgelopen herfst schroefde de Chinese overheid de strijd tegen smokkelaars daarom op. Met succes. Prijzen voor zeldzame aarden zijn verdubbeld ten opzichte van afgelopen zomer. Daarmee zijn ze teruggekeerd naar een redelijk normaal niveau. Ver verwijderd van de piek uit 2011, maar net hoog genoeg om winstgevend te zijn voor mijnbouwers. De vraag is nu wat er zal gebeuren als alle smokkel is opgerold en het exportquotum is verdwenen.

Transparantere handel


Om te beginnen zal de handel in zeldzame aarden eindelijk wat transparanter worden. En dan niet alleen omdat het verstorende effect van smokkel en quota verdwijnen. China heeft afgelopen maand de eerste beurs voor zeldzame aarden opgezet.

De Baotou Rare Earth Products Exhcange wil de markt voor zeldzame aarden reguleren op een soortgelijke manier als de London Metal Exchange. Het is een initiatief van dertien grote Chinese mijnbouwers, raffinaderijen en fabrikanten zoals de Baotou Steel Rare Earth Group en de Hi-Tech Corporation. De bedrijven hopen dat de beurs zal leiden tot stabielere prijzen waar zij zelf ook wat meer invloed op uit kunnen oefenen.
De beurs zal alle handel in Chinese zeldzame aarden reguleren. Westerse producten hebben echter nog niet laten weten of ze met de beurs in zee gaan. De grotere invloed waar deze dertien Chinese bedrijven op hopen kan daarom wel eens tegenvallen.

Westerse concurrentie


Langzaam maar zeker verliest China zijn monopoliepositie. Twee grote westerse mijnbouwbedrijven hebben nieuwe mijnen geopend en produceren een aanzienlijke hoeveelheid zeldzame aarden. Molycorp loopt hierin voorop. Het bedrijf produceerde afgelopen jaar reeds 16.000 ton en verwacht dit jaar 20.000 ton te halen. Bij het Australische Lynas loopt men iets achter, maar niet veel. Zij hoopten vorig jaar 11.000 ton te produceren, maar haalden slechts 117 ton door een reeks vertragingen. De problemen lijken echter opgelost en het is goed mogelijk dat ze hun doelwit in 2014 wél halen.
Dit betekent dat het Chinese marktaandeel verder terugvalt tot 70 a 75 procent van de wereldwijde productie. Het betekent ook dat de prijzen voor zeldzame aarden dit jaar laag zullen blijven. Westerse producenten van auto’s, windmolens, vliegtuigen en talloze andere producten zullen het wegvallen van gesmokkelde zeldzame aarden nauwelijks voelen. Verder zal het vertrouwen in zeldzame aarden weer toenemen als fabrikanten niet meer zo afhankelijk zijn van Chinese productie.

Op dit moment schuwen veel fabrikanten het gebruik van zeldzame aarden namelijk, omdat ze er simpelweg niet op kunnen vertrouwen dat de toevoer stabiel blijft. Als dat vertrouwen terugkeert kunnen we een flinke toename verwachten in de productie van goederen met zeldzame aarden. En dat is weer uitstekend nieuws voor toeleveranciers in de metaalindustrie.

 

Share this

Nieuwsbrief

Schrijf je hier in voor de wekelijkse Nieuwsbrief en blijf op de hoogte van alle niet te missen ontwikkelingen in de Aluminium Roestvast en Staal branche!

Velden met een * zijn verplicht